Procedure bij contracten
Contracten van samenwerking, associatie, maatschap, … tussen dierenartsen dienen steeds vooraf in ontwerp ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de bevoegde Gewestelijke Raad.
De modelcontracten van samenwerking/associatie die via de website van de NGROD kunnen worden gedownload dienen enkel als voorbeeld en hulpmiddel. De modellen zijn niet dwingend en kunnen derhalve in onderling akkoord tussen betrokken dierenartsen worden aangepast naar gelang de specifieke en concrete omstandigheden.
De Gewestelijke Raad van de Orde der Dierenartsen toetst de contracten aan de bepalingen van
de Code der Plichtenleer, consulteerbaar via de website van de NGROD onder de rubriek "juridisch".
Alle contracten, statuten, reglementen dienen aan de bepalingen van de Code te voldoen!
1. Samenwerkingscontracten
Volgende (deontologische) bepalingen zijn ondermeer van belang:
-
niet-concurrentiebeding (m.n. vestigingsverbod)
- samenwerkende dierenartsen zijn niet verplicht om een vestigingsverbod op te nemen in hun overeenkomst !
- indien wordt overeengekomen om wel een vestigingsverbod op te nemen, dient dit uitdrukkelijk en op ondubbelzinnige wijze te worden gedefinieerd betreffende de omvang in tijd (de maximale (!) aanvaardbare duur is twee jaar) én geografische beperking (de maximum (!) aanvaardbare straal is 15 km van de praktijk waar werd samengewerkt en 20 km voor de samenwerking met klinieken)
- het vestigingsverbod zoals omschreven in het modelcontract kan in functie van de concrete omstandigheden worden aangepast en herleid ten gunste van de samenwerkende dierenarts (b.v. in functie van de ligging van het adres van domicilie van de samenwerkende dierenarts – mogelijkheid tot vestiging binnen een straal van 5 km, 10 km, …)
- het principe van de verloning dient in het contract te worden opgenomen (b.v. verloning op grond van facturatie en geleverde prestaties voor contracten tussen zelfstandige dierenartsen)
- verdeling van erelonen is enkel mogelijk in het kader van een associatiecontract (cf. artikel 16 van de Wet op de Uitoefening van de Diergeneeskunde !)
2. Participatie van dierenartsen in associaties/vennootschappen
Dierenartsen kunnen slechts deel uitmaken van één enkele associatie/vennootschap die de uitoefening van de diergeneeskunde als doel heeft !
Concreet heeft dit voor gevolg dat een dierenarts die reeds geassocieerd is met een dierenartsenpraktijk (via contract van associatie, maatschap … en/of dierenartsenvennootschap), niet kan participeren in een andere associatie en/of vennootschap van dierenartsen. De oprichting van een vennootschap door een dierenarts die reeds geassocieerd is, is met andere woorden enkel mogelijk indien daardoor geen nieuwe associatie wordt gevormd (b.v. een E-BVBA).
3. De oprichting van vennootschappen met als doel de uitoefening van de diergeneeskunde
De Gewestelijke Raad van de Orde der Dierenartsen toetst de ontwerpstatuten van vennootschappen met als doel de uitoefening van de diergeneeskunde aan de bepalingen van de Code der Plichtenleer, consulteerbaar via de website van de NGROD onder de rubriek juridisch.
Volgende (deontologische) bepalingen zijn specifiek van belang bij de opmaak van statuten van vennootschappen met als doel de uitoefening van de diergeneeskunde:
-
zetel: de oprichting van meerdere zetels, agentschappen, bijhuizen, … is in strijd met volgende deontologische bepaling: “Het is de dierenarts, hetzij alleenwerkend, hetzij als effectief actief lid van de medische staf van een structuur, verboden meer dan één diergeneeskundige structuur te openen of open te houden.”
Dit is steeds van toepassing voor E-BVBA’s
Doch voor meerpersoons-vennootschappen mag het aantal zetels (kabinetten) het aantal participerende dierenartsenvennoten niet overtreffen - doel: de uitoefening van de diergeneeskunde mag niet worden gecumuleerd met commerciële activiteiten (collusieverbod)
- participatieverbod in andere vennootschappen met de uitoefening van de diergeneeskunde als doel (zie hoger sub 2 – verbod op participatie in meer dan één dierenartsenassociatie)
- aandelen kunnen slechts toebehoren of overgedragen worden aan dierenartsen die ingeschreven zijn op de lijst van de Orde der Dierenartsen → uitdrukkelijk op te nemen als clausule in de statuten !
- bestuursfuncties moeten door dierenartsen worden waargenomen → uitdrukkelijk op te nemen als clausule in de statuten !
4. Wijzigingen aan bestaande en reeds goedgekeurde contracten/statuten
Dienen eveneens vooraf ter goedkeuring te worden voorgelegd.
5. Verzoeningsprocedure – bemiddeling door de voorzitter van de Gewestelijke Raad
Alle geschillen van deontologische aard met betrekking tot deze overeenkomsten moeten, vóór elke gerechtelijke of arbitrale procedure, voorgelegd worden aan de voorzitter van de Gewestelijke Raad met het oog op een eventuele verzoening. Partijen kunnen ook steeds een voorstel tot dading bespreken voor de Commissie Contracten.
6. Meldingsplicht – database van de NGROD
Alle gegevens betreffende samenwerking, associatie en vennootschappen van dierenartsen worden verwerkt in de database van de NGROD.
Elke dierenarts kan deze gegevens via de website van de NGROD toetsen aan de werkelijkheid.
Verzoeken om correcties/aanpassingen kunnen steeds worden overgemaakt.